
Goed nieuws voor de betaalde kwaliteitskranten, en minder voor krantenuitgever Wegener. Vorige week werd bekend dat het concern nog steeds lijdt onder de tegenvallende advertentieverkopen van gratis krant de Pers, die de slogan ‘gratis maar niet goedkoop’ hoog in het vaandel heeft. De cijfers zijn niet mis: er werd zo’n slordige 32,6 miljoen euro verlies gemaakt.
Binnen Nederland is de Pers de enige gratis krant die niet elke dag zijn halve krant uittrekt voor ANP-kopiersels en schreeuwende BN’ers. Dat is ook te zien aan de grootte van de redactie, die niet onderdoet aan die van het Parool en Trouw, die anders dan de Pers wel maandelijks abonnementsgeld kunnen vangen.
De gevreesde vervlakking van de journalistiek is een gevolg van de gratis kranten, zo stellen concurrerende kwaliteitsmedia. De Pers is de enige onafhankelijke gratis papieren media die hier een uitzondering op is. Mocht Wegener besluiten om de stekker er uit te trekken, zou dat een grote aderlating voor de gratis krantenwereld zijn. Daarnaast zou het bewijzen dat voor kwaliteitsjournalistiek nu eenmaal betaald moet worden, omdat een ander verdienmodel simpelweg niet rendabel is, een conclusie die ze in het buitenland ook al gemaakt hebben.
Want in andere landen is het gratis kwaliteitskranten format ook al geen succes. Denemarken deed een bijna succesvolle poging met Nyhedsavisen, zij pakten het nog chiquer aan en kwamen de krant ook nog ‘s ochtends bezorgen. Dit trucje zorgde ervoor dat de krant binnen 18 maanden de grootste krant in Denemarken was. Helaas rezen ook bij dit concept de kosten de pan uit, en moest het project na twee jaar noodgedwongen staken.
Nu de bereidheid van de nieuwsconsument te betalen voor nieuws afneemt zou een initiatief als de Pers juist een gat in de markt moeten zijn, dus waar gaat het mis?
De Pers weet het al langer uit te zingen dan zijn buitenlandse collega’s. Voor het nieuwsaanbod zal een mogelijke toekomstige teloorgang van de Pers in ieder geval een doodzonde zijn. Voorlopig heeft de krant nog het excuus in een crisis op de advertentiemarkt te verkeren, maar toch blijft het de vraag hoe lang financierders en uitgevers nog een oogje dicht zullen blijven knijpen.


