Artikelen geschreven door Floris

Koning Murdoch de tweede

Foto: Jedd Goble

Volgens het Amerikaanse zakentijdschrift Forbes is hij de dertiende machtigste persoon op aarde. Zijn bedrijf News Corporation heeft kranten, tijdschriften, entertainmentbedrijven en televisiezenders in vele landen waaronder het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten, Australië en ook in Nederland. Op de bank heeft hij omgerekend ongeveer vier miljard euro staan en zijn steun aan politici is vaak van doorslaggevend belang geweest, zo steunde hij de huidige eerste minister van het Verenigd Koninkrijk, David Cameron, maar ook zijn voorgangers Tony Blair en Margret Tatcher en in de VS ondermeer Bill Clinton.

Deze tachtigjarige machtige multimiljardair heet Keith Rupert Murdoch. Maar, ook met een aandelenportefeuille van heb ik u daar is niet alles in het leven van Murdoch koek en ei. Voor hen die net terugkomen van een zonnige strandvakantie aan de Franse plage, zijn natgeregend op de Veluwe of om te voorkomen dat ze worden platgegooid met komkommernieuws de televisie in de vakantie maar even uit laten staan: er is iets aan de hand. Zoals wel vaker gebeurt bij de oudere medemens ziet opa Murdoch om zich heen veel mensen verdwijnen. Les Hinton en Rebekah Brooks, respectievelijk krantenman en –vrouw in de VS en het Verenigd Koninkrijk, behoorden tot voorkort tot de inner circle rond Murdoch maar stapten op vanwege het afluisterschandaal rond de inmiddels opgeheven Britse tabloid News of the World.

Gisteren bekende Murdoch tijdens een zitting van een onderzoekscommissie van het Britse parlement, waar hij samen met zijn zoon verscheen dat het de nederigste dag van zijn leven was. Nota bene: dat was nog voordat hij door een man uit het publiek een taart van scheerschuim in zijn gezicht geworpen kreeg. Tijdens de hoorzitting leek het alsof Murdoch zijn bedrijf zelf niet meer onder controle heeft. Meerdere malen werd hij door zoonlief James gesouffleerd, en nog wist hij op vele vragen geen antwoord te geven. Echter, de methoden van Murdoch zijn eerder sluw geweest, dus het zou kunnen dat hij dat speelde. Misschien om wat sympathie van het publiek terug te winnen, of om te laten zien dat ze het ‘gemene’ News Corp. niet hoeven te vrezen.

Ook in Nederlandse media wordt de vraag gesteld wat de toekomst van News Corporation is, en of Murdoch niet beter kan opstappen als onbetwist leider van de News Corp. troepen. Zelf wil Murdoch niets van wijken weten. Hij is het niet, maar de mensen die hij vertrouwde, die verantwoordelijk zijn voor het afluisterschandaal. Gezien de leeftijd van de mediabaas, en zijn al dan niet gespeelde geestelijke gesteldheid lijkt zijn aftreden toch niet meer lang op zich te laten wachten.

Na het opstappen van Les Hinton lijken er twee mogelijke troonopvolgers over te zijn gebleven. Allereerst de relatief bekende James Murdoch, zoon van die samen met Murdoch senior werd gehoord door de Britse parlementaire onderzoekscommissie. Toch lijkt hij niet de beste kaart in hand te hebben. Eerder al werden de Murdochs ervan beschuldigd dat James voorrang zou krijgen bij het toekennen van de hoogste post binnen de Britse broadcastorganisatie BSkyB, welke Murdoch voornemens was volledig over te nemen, maar waar hij vanaf heeft gezien na het afluisterschandaal. Na zoveel negatieve publiciteit is het aannemelijk dat het bedrijf daarom niet voor James kiest. Daarnaast zou Murdoch junior nog niet klaar zijn voor de baan.

Betere kansen heeft Chase Carey, de onbekende Chief Operating Officer en president van News Corporation. Als linkerhand van Rupert Murdoch kent hij het bedrijf van binnen en van buiten. Door oud-collega’s wordt hij getypeerd als iemand die met een meubelstuk kan gooien om te bereiken wat hij wil. Vaker wordt gespeculeerd dat Carey de hoogste functie binnen News Corp. van Murdoch overneemt totdat James Murdoch er klaar voor is.

Rupert Murdoch hoeft in ieder geval niet meer te zoeken naar een afscheidscadeau aan zijn publiek; het opvullen van de nieuwsvrije zomer met het afluisterschandaal voldoet.

Gelooft u het antwoord van de journalist?

De Anne Vondelingprijs wordt ieder jaar uitgereikt aan een journalist die in staat is de Haagse politieke toestanden op een heldere manier te beschrijven aan zijn of haar publiek. Als gemiddelde krantenlezer en Nieuwsuurkijker gebeurt het mij niet vaak dat een item of artikel direct helderheid verschaft over de beslommeringen van de Haagse soapies. Toch schijnen enkelen ertoe in staat te zijn, anders dan hun collega’s dus wel een helder beeld te geven van de ondergrondse politieke wereld die zich rond het Binnenhof concentreert. Zij verdienen een lintje, maar krijgen de Anne Vondelingprijs.

Dit jaar was deze eer weggelegd voor De Volkskrantcolumnist Martin Sommer voor zijn columns in de zaterdageditie van de krant. Bij het in ontvangst nemen van de prijs ging Sommer in op de kritiek op zijn beroepsmaatjes. In zijn rede, waarvan de tekst donderdag in De Volkskrant werd afgedrukt merkt Sommer op dat de laatste jaren steeds stevigere kritiek te horen is die zich vooral focust op de verstrengeling van belangen tussen voorlichters, lobbyisten, journalisten en politici. Joris Luyendijk speelt in die stroom van kritiek een hoofdrol. Nadat hij in zijn boek Het zijn net mensen de verslaggeving uit het Midden Oosten, die hij zelf voor onder meer de NOS jarenlang verzorgde vanuit Cairo, Beirut en later Oost-Jeruzalem werd Luyendijk gevraagd om een maand mee te lopen onder de ‘Haagse kaasstolp’ als Nieuwspoortrapporteur, wat resulteerde in het boekje Je hebt het niet van mij, maar…. Politicoloog en religieus antropoloog Luyendijk spaart daarin geen onderdeel van de nieuwsmotor in de vierkante meter rond het Binnenhof.

Die kritiek wordt echter gegeven zonder dat daar feitelijk argumenten voor te vinden zijn, aldus Sommer in zijn rede. Daarnaast vindt hij dat de enige zware kritiek de afgelopen jaren niet van Luyendijk maar van oud GPD-chef Frits Bloemendaal komt, zo zegt de columnist in een gesprek op Radio 1. Bloemendaal, die in zijn tijd als hoofd van de Haagse afdeling van de GPD te maken had met ambtenaren van het Ministerie van Sociale Zaken die in het computernetwerk van de GPD rondneusden, schreef het boek De communicatieoorlog over overheidscommunicatie en de daarvan uitgaande beïnvloeding. Maar ook van de kritiek van Bloemendaal is de journalistenwereld niet echt onder de indruk.

Voor het publiek, waar het in de basis natuurlijk allemaal om draait wordt het er niet duidelijker op. Journalisten wordt al snel een bepaalde autoriteit toebedeeld waardoor het gros van de eerdergenoemde trouwe krantenlezers eerder iets aanneemt van een journalist dan van een willekeurig ander persoon, zoals dat ook werkt bij bijvoorbeeld wetenschappers. Het is bijna vanzelfsprekend dat journalisten uit zelfprotectie de boot afhouden en niet direct toegeven aan de kritiek.

Een fictief voorbeeld: In de wereld van de baggerwerkzaamheden zijn een aantal grote spelers. Klokkenluiders en onafhankelijke onderzoekers publiceren een boek waarin staat dat er veel chemicaliën vrij komen bij de wijze waarop de grote Nederlandse en Belgische baggeraars te werk gaan. Direct komt een grote baggeraar met een antwoord waarin hij het opneemt voor de hele sector. Hij stelt in een genuanceerd antwoord dat de baggeraars altijd oog hebben voor de omgeving en het milieu en dat van het vrijkomen van chemicaliën nooit aan de orde is geweest. Gelooft u het antwoord van het baggerbedrijf?

Of de kritiek van Luyendijk, Bloemendaal en vele anderen nu terecht is of niet, ze word wel erg gemakkelijk weggehoond. Journalistiek, en juist de politieke verslaggeving is een essentieel deel van de democratie. Het zou ons goed staan als we onszelf tegenover de kritische noot een serieuzere houding aanmeten.

De macht of kracht van Al Jazeera

Al ongeveer een maand is het onrustig in de arabische wereld, die zich vooral uitstrekt over het Midden Oosten en Noord Afrika. De leiders van Tunesië en Egypte moesten al toegeven aan de stellige wensen van hun volk, en het ziet ernaar uit dat binnen korte tijd meer dictatoriale leiders dat lot zullen volgen. Vandaag richten de internationale media zich vooral op Libië. De antiwesterse Moammar al-Qadhafi is daar al sinds een staatsgreep en een volgende interne machtstrijd meer dan veertig jaar geleden aan de macht.

De revolutie werd in Egypte niet voor niets de Facebookrevolutie genoemd. Nieuwe media, zoals ook Twitter en YouTube spelen een ongekend grote rol in de opstanden en demonstraties. Maar dat is niet de enige bijzondere factor. De Arabische nieuwszender Al Jazeera (vertaald ‘het Schiereiland’) is veruit de belangrijkste onafhankelijke nieuwsbron. Ondanks dat het netwerk er aan het begin van de onrusten, in Tunesië rijkelijk laat bij waren omdat ze hun handen vol hadden aan de Palastine Papers zijn ze nu leidend in iedere berichtgeving.

De macht die Al Jazeera daarmee zou hebben is veelbesproken. De regimes in Arabische landen betichten de zender ervan de protesten te voeden. Daar valt wat voor te zeggen. Want door de beelden te zien als doorsnee Libiër of Bahreinse zal het revolutionaire gevoel in die mensen aangewakkerd worden. Maar dat is juist de taak van een nieuwsbron.

Een ander verwijt is het partijdig zijn van Al Jazeera. Volgens velen heeft bericht het nieuwsnetwerk vooral veel over de mogelijke wandaden van de regimes in kwestie, en laat ze de positieve elementen liggen. Egypte en Libië zijn bijvoorbeeld veel rijker geworden na het aantreden van de Mubarak en al-Qadhafi. Het nieuwsstation zou structureel de kant kiezen van de opstandelingen, zonder feiten te checken of zelf journalistiek werk te doen.

Het is waar dat Al Jazeera anders bericht over de ontstane situatie dan vele anderen zouden doen. In de berichtgeving van de nieuwszender is de stem van het volk de hoofdlijn. Daaromheen geeft men natuurlijk commentaar en stuurt men de correspondenten en journalisten op pad om zelf op onderzoek uit te gaan. In Libië en zijn alle werkvergunningen voor Al Jazeerajournalisten ingetrokken, en dat was in Tunesië en Egypte tijdens de demonstraties ook het geval. Toch lukt het het nieuwsnetwerk uit Qatar het steeds om als eerste betrouwbaar nieuws uit de landen te brengen. Iets waarvoor we het nieuwsstation juist voor zouden moeten prijzen. Natuurlijk is de manier van werken anders, maar volgens mij gaat het juist om een positief alternatief. Zeker voor ons westerlingen, om te weten wat er werkelijk speelt onder de Arabische bevolking.

Webredacties samen in Rotterdam: Waarom niet één website?

De Persgroep Nederland gaat door met de golf van vernieuwingen, vaak verbeteringen, die zijn aangebracht sinds de overname van PCM. Eerder werd de website van De Volkskrant vervangen door een regelrechte kopie van de website van de Vlaamse Persgroepkrant De Morgen en verhuist NRC binnenkort naar Amsterdam. Vandaag werd bekend dat de plannen om de webredacties van Trouw, De Volkskrant en Het Parool weg te halen bij de krantenredacties en samen te voegen in het gebouw waar nu het AD en het NRC Handelsblad nog zetelen. De nieuwe redactie die zich dan vormt bestaat uit 15 fulltime banen en krijgt een eigen hoofdredacteur.

Op de krantenredacties was eerder al onenigheid ontstaan over de plannen. Veel redacties hebben de afgelopen jaren juist veel geïnvesteerd in hun nieuws op het internet. Volgens Villamedia stelt de Belgische topman van De Persgroep Christian van Thillo dat de webredacties nooit winst hebben gemaakt en dat dure filmpjes vanaf nu verleden tijd zijn. Daar ligt waarschijnlijk een  probleem. Het negatieve imago van De Persgroep, die alleen op winst uit zouden zijn wordt hierdoor weer flink versterkt en misschien zelfs bevestigd.

Daarnaast verdwijnt de directe betrokkenheid van de ‘normale’ journalist met het internet als de webredacties naar een gebouw langs een snelweg bij Rotterdam verhuizen (of  verdwijnen.) En dat terwijl de velen verwachten dat we over twintig jaar helemaal geen papieren krant kennen. Met die gedachte in het achterhoofd is het behoorlijk naïef van Van Thillo en consorten om krant en website te zien als twee verschillende dingen.

Concurrentie met Nu.nl?

Volgens de hoofdredactrice van Het Parool, Barbara van Beukering kunnen De Persgroepkranten nu op het internet de concurrentie aan met populaire websites als Nu.nl. De nieuwe redactie is echter zo opgedeeld dat er een team is dat voor het algemene nieuws zorgt, en daarnaast voor elke krant nog een aantal redacteuren (twee voor Trouw en het Parool en zeven voor De Volkskrant) krijgt. In hoeverre dit redactieteam de concurrentie met het ijzersterke Nu.nl aankan is in ieder geval mij nog niet duidelijk. Als dezelfde content op drie verschillende websites wordt gepubliceerd, aangevuld met wat ‘eigen’ inhoud, wat is dan het verschil, en op welk punt worden bestaande internetnieuwsgrootheden verslagen?

Als de uitgever deze stap zet, waarom kiest men er dan niet voor om één nieuwswebsite te maken voor de drie kranten. Volgens de plannen is het zo dat redacteuren van De Volkskrant en Trouw zich gaan richten op politiek, Trouw daar het thema ‘groen’ bij krijgt en De Volkskrant opinie onder haar hoede neemt. Het Parool zorgt dan voor Amsterdam, cultuur en uitgaan. Samen met het gezamenlijke algemene nieuws zijn dat de perfecte ingrediënten voor één nieuwswebsite die wel kan opboksen tegen Nu.nl.

“De tijd dat de site een aardig alternatief voor de krant was is voorbij”

Ernst Jan Pfauth mag trots zijn, met de lancering van de nieuwe website van het NRC Handelsblad. Vandaag lanceerde de krant haar nieuwe website, waarmee ze al even aan het oefenen waren op beta.nrc.nl. Via Twitter werd de nog niet zo gek lang geleden aangestelde chef internet vaak persoonlijk verweten dat hij de inhoud en stijl van nrc.nl had verkwanseld. Vandaar nu ook een persoonlijk compliment. Of we de hele website danken aan Ernst Jan Pfauth weten we natuurlijk niet. Maar duidelijk is wel dat hij een dikke vinger in de pap had bij het zetten van deze stap. Een stap in de richting van een nieuw internettijdperk, want zo stelde Alexander Klöpping vorige week in De Wereld Draait Door, “we staan aan het begin van een nieuw tijdperk, waar internet de dienst zal uitmaken.”

De grote verandering heeft één slachtoffer: de diepgaande inhoud. Dat zou je de NRC kwalijk kunnen nemen, maar tegelijk is nieuws, en zeker achtergronden, niet gratis. “Inderdaad: de tijd dat de site een aardig alternatief voor de krant was, en gratis bovendien, is bij deze voorbij. Als wij niet voor NRC-journalistiek laten betalen, kunnen wij NRC-journalistiek niet langer betalen, mooier kan ik het niet maken.” aldus oud nrc.next hoofdredacteur Hans Nijenhuis in een reactie op de vernieuwde website. Hij voegde daaraan toe dat “internet niet het medium voor lange achtergronden is, het is het medium om u snel en kort op de hoogte te brengen van de belangrijkste ontwikkelingen in het nieuws en op het web (die filmpjes waar ze het bij de koffieautomaat over hebben).”

Wat voor die diepgang in de plaats komt is ‘het beste van het web.’ Makkelijk is het om daar een GeenStijl achtige invulling aan te geven. Helemaal tegen het imago van NRC in, en spotgoedkoop. Ik vertrouw er daarom op dat NRC daarin een eigen weg zal gaan: de inhoudelijke nieuwsblogs en –video’s op een rijtje. Vernieuwend? Nee. Maar wel uniek.

Daarnaast vallen de inmiddels vaak afgehaakte en dus ex-bezoekers over het misschien lichtelijk Vlaams klinkende woord ‘duiding.’ Vaak wordt gedacht zelf wel te kunnen duiden. Aan de andere kant zegt het NRC Handelsblad zelf dat ze door duiding dat stukje diepgang toch nog kunnen meegeven. Een fout antwoord, denk ik. Verklaring van nieuws in een kort bericht is iets anders dan diepgang en achtergrond, maar ook de zorg bij de lezer is volgens mij niet op zijn plaats. De artikelen en artikeltjes die nu de voorpagina van nrc.nl bevolken zijn echt niet allemaal specifiek ‘geduid’, maar laten gewoon een bekend NRC-geluid horen.

Als laatste zwakke punt wordt de rommeligheid van de website genoemd. En eindelijk, hier kan ik me wel in vinden. Op veel plekken is de website van NRC nog onduidelijk. Zo zijn er lege grijze balken te zien waar op andere plekken advertenties in staan en zijn de reactie-knoppen erg lelijk. Daarnaast, en dan houd ik op, zou het het NRC Handelsblad sieren de volgende keer iets meer tijd te steken in het introductiefilmpje, wat nu in de balk achter het logo vertoond wordt: onscherp en foeilelijk.