Maandelijks Archief: januari 2010

Reportages uit Haïti gaan vaak nergens over. Wat was er wel goed?


Het is meer dan twee weken geleden dat Haïti werd getroffen door een overweldigende natuurramp. Je hebt er ongetwijfeld alles over gelezen, gezien of gehoord. Bijna elke belangrijke nieuwsbron heeft erover bericht.

De ramp in Haïti was de afgelopen weken nieuwsitem nummer één. Wij, nieuwsconsumenten, wilden er alles van weten, en de media wilden er maar al te graag alles over kwijt. De correspondenten maakten reportages om maar iets te melden, en niet omdat er iets te melden was. En dat resulteerde in een groot aantal reportages zonder enige vorm van inhoud. Filmpjes bijvoorbeeld van Eelco Bosch van Rozenthal die op een vliegveld staat te wachten op een Amerikaans vliegtuig, of Larry King die met de nieuwe ouders van een uit Haïti geadopteerd kind praat.

Natuurlijk zijn er ook veel goede reportages afgeleverd, de reportages die ergens over gaan. De BBC gaat aan kop. Het lijkt alsof de Britse publieke omroep alleen maar kwaliteitsproducties aflevert. Geen één heb ik er kunnen ontdekken, die onder de maat is. Jullie wel?

Ook CNN snapt dat ze groots moeten uitpakken tijdens deze gebeurtenis. Een paar dagen geleden verscheen een 360-graden filmpje op hun website. Wij kunnen zelf kiezen welke kant we op kijken, zoals we dat al van Google Street View kennen. Maar de beelden bewegen nu. Een auto van CNN rijdt een weg af, hoe lager de auto komt, hoe meer verwoestingen er te zien zijn.



En als laatste is the New York Times altijd erg goed in het laten zien van beeldmateriaal op de website. Op de homepage van de website van de Amerikaanse krant zijn vaak veel foto’s te zien en ook nu blinken ze weer uit in het beeldmateriaal. Overzichtelijk en duidelijk, gesorteerd per dag in een diashow worden de fotowaardige momenten tijdens de tragedie in Haïti getoond. Daarnaast zijn het niet de persbureaufoto’s die we in elke krant tegen komen, maar vooral foto’s die door eigen journalisten zijn gemaakt.

Wat de iPad kan betekenen voor de toekomst van de gedrukte media

Het zal je ongetwijfeld niet ontgaan zijn; gisteren presenteerde Apple vol bombarie zijn nieuwe revolutie in draagbare computers; de iPad. Een beeldscherm waar de computer zelf lijkt te missen, en je met je vingers het web over kunt surfen dat het je een lieve lust is. Veel uitleg heeft het product niet meer nodig, je kunt het niet gemist hebben. Apple had het met de iPhone al goed begrepen. Laat de ontwikkelaars en derde partijen er op los, en verdien er zelf ook nog aan. Met de iPad hebben ze een hele nieuwe doelgroep aangesproken. Ook de boeken-, kranten-, en magazines lezende of uitgevende partijen moeten nu geloven aan de veranderingen die deze iPad met zich mee gaat brengen.

Het wachten is op de Nederlandse kranten en magazines die hun online verdien modellen aanpassen op de iPad. De kranten die al jaren abonnees verliezen hebben nu eindelijk een nieuwe oplossing om het papieren gevoel digitaal uit te geven. Zouden in de diepe krochten van de krantenredacties op drukke vergadering al op plannen gebroed worden? Over een jaar kan geen enkele zichzelf respecterende journalistieke productie het zichzelf niet te veroorloven ook op de iPad te verschijnen.

Een nieuwe digitale kranten en magazinesector

Omdat de lat voor het uitbrengen van een magazine of een krant veel lager komt te liggen kunnen ook kleinere uitgeverijen zich gaan wagen aan het gaan uitbrengen van een magazine. Dat zal voor het eerst sinds de start van de gratis dagbladen in Nederland een nieuwe opleving in de krantenwereld betekenen. De lage drempel om een krant of een magazine uit te brengen op de iPad zorgt wel voor een flinke concurrentie bij de gevestigde orde.

Of de iPad nu goed of slecht is voor de dagbladwereld? De concurrentie groeit, en ze zullen er snel op moeten inspelen. Gelukkig worden de nieuwe ontwikkelingen wel serieus genomen door de papieren media, anders dan bij de opkomst van het internet, waar de concurrentie makkelijk kon groeien terwijl de krantenwereld rustig verder sliep.

De 20.000ste papieren Trouw is ook een mijlpaal voor het web

Toen de Volkskrant in 2006 zijn 25.000ste editie bij zijn abonnees op de deurmat gooide vernieuwde het in een klap zijn hele website. Voortaan werd er ook televisie gemaakt door de krant, VK.tv was geboren. Vandaag de dag schitteren scherpe opinievideo’s van Jan Mulder en Dominee Gremdaat op de website van het unieke concept. Afgelopen zaterdag werd de 20.000ste editie van het dagblad Trouw gevierd. En hoe toevallig; ook zij besluiten het op het internet eens flink anders aan te pakken. Onder de weinig belovende titel ‘Trouw.nl op een computerscherm‘ presenteren zij hun nieuwe visie op het internet.

De verscholen journalist op het web

De redactie van Trouw zag de afgelopen jaren het internet volwassen worden. Waar op de meeste krantenredacties anonieme bureauredacteuren de ANP artikelen en de krantenartikelen van die dag naar de website doorschuift, wil Trouw het nu anders aanpakken. Zij willen de redacteuren achter hun bureau een stem geven, een gezicht op het internet, net zoals de krant zijn eigen identiteit doorgeeft. Een geweldige stap voor de tot nu toe grijze en grauwe krantenwebsite van Trouw. Ook Joop.nl en zijn grote voorbeeld The Huffington Post zetten de schrijvers persoonlijk op de voorpagina van de blog, en stelt ze centraal in het verhaal. En bijvoorbeeld nrc.next, waar de voltallige redactie van de krant zijn (veelal persoonlijke) verhalen plaatst.

Een goede zaak dat Trouw de webredacteur achter zijn bureau vandaan wil sleuren. Maar of ze wel de expertise hebben? Misschien moeten ze die juist wel missen om iets echt vernieuwends neer te zetten. Laat de webredacteur weer een journalist zijn! Vive le revolution!

De charme van de chaos-journalistiek van de Groene Amsterdammer

Na de aflevering van NCRV’s Dokument gisteravond vraagt heel Nederland zich af of er een charmantere vorm van journalistiek bedreven wordt dan bij de Groene Amsterdammer. Een vervallen kantoorgebouw, murenlange kasten vol met vergeelde archieven en een financieel beleid van likmevestje. Vooral de zin “We zijn niet de grootste, maar wel de beste. Dat iedereen het maar even weet. Als je ons niet leest ben je ‘raar’” spreekt tot de verbeelding over de oude en nieuwe glorie van Nederlands oudste opinieblad. Het blad waar het grootste argument tegen vernieuwingen “maar zo gaat het hier al 130 jaar” luidt, en ondertussen de wereld  totaal aan ze voorbij gaat. Opvallend is trouwens dat ze bij de Groene 25 jaar na de invoering van de computer, nog steeds op typemachines werken.

Bekijk de documentaire ‘Dwars’, door Marieke van der Winden op Uitzending Gemist.

Gowalla, Brightkite of Foursquare? De ultieme test op zoek naar de perfecte locatie applicatie

‘Foursquare is de eerste in een nieuwe generatie iPhone games’, zo was hier al eerder te lezen. Het idee achter de interactieve game is dat je bij plekken zoals cafés, restaurants, bioscopen en andere openbare plekken over de hele wereld kunt ‘inchecken’, en daarmee punten kunt verdienen. Het effect is dat de spelers van het spel als een malle door steden heen crossen om punten te verdienen, badges te veroveren, en misschien zelfs Mayor te worden van een bepaalde plek.

Maar, waar het succes kruipt schieten zoals te verwachten andere applicaties uit de grond. Al eerder was daar Brightkite, hetzelfde concept, maar dan zonder het speleffect. En zo werd in december van vorig jaar Gowalla gepresenteerd, ook precies hetzelfde principe. Allemaal maken ze gebruik van Twitter om je lokatie te delen met je vrienden, en ook werken ze alle drie op het principe dat Foursquare ruim een jaar geleden bedacht. Weten Gowalla en Brightkite Foursquare van de virtuele troon te stoten? Er is geen betere manier om de drie applicaties te testen dan op de fiets te springen en de stad te ‘unlocken’, zoals Foursquare dat zo bruisend op zijn website weet te vermelden.

Foursquare bij Centraal NS Station, Utrecht

De eerste stop is het Centraal Station van de NS in Utrecht, waar ik incheck bij Foursquare. Foursquare is de bedenker van het speleffect in applicaties. Dat maakt dat de service al snel een voorsprong heeft op de rest. Onlangs maakte het bedrijf bekend dat de applicatie nu ook wereldwijd te gebruiken is, in plaats van alleen in de grote, door Foursquare geselecteerde steden.

Het aanmelden op een plaats gaat op alle applicaties door middel van het zogenaamde ‘inchecken’. Als je op de locatie bent aangekomen, check je daar simpel met een paar klikken op in, waarna je een aantal punten krijgt en er een bericht naar Facebook en Twitter wordt verstuurd. Ook kunnen er speciale badges verdiend worden, bijvoorbeeld als je drie schooldagen achter elkaar uit gaat. Foursquare is verreweg de populairste applicatie binnen Nederland, te zien aan de vele beschikbare plaatsen en Nederlandse gebruikers.

Gowalla bij het Louis Hartlooper Complex, Utrecht

De tweede stop is op het Ledig Erf bij het Louis Hartlooper Complex, tijd om Gowalla aan de test te onderwerpen. Gowalla is de meest alternatieve applicatie van de drie, waardoor het wel een heel eigen draai heeft. De opvallende kleurencombinatie van oranje en donkergroen geeft het uiterlijk van de applicate geen heel stijlvolle indruk. Ook het gebrek aan Nederlandse gebruikers en toegevoegde plaatsen is dit geen must have, en slechts een applicatie die probeert in te haken op het succes van Foursquare en Brightkite.

Ondanks het onaantrekkelijke uiterlijk van Gowalla heeft het wel een aantal extra’s. Zo kun je voorwerpen verdienen, zoals een trein op het station, en zo verschillende voorwerpen uit een serie kunt verzamelen. Ook zijn er in grote steden een aantal interessante hotspots uitgezet. Als je alle plekken hebt bezocht krijg je een stempel in je paspoort. Leuk bedacht, maar of het op kan tegen de twee andere reuzen?

Brightkite bij de Coffee Company, Vismarkt, Utrecht

De laatste stop is bij de Coffee Company op de Vismarkt. Daar test ik de laatste van de drie applicaties; Brightkite. Een koffiebar zoals de Coffee Company kan heel slim inspelen op de applicatie van Brightkite. Zo kan het bijvoorbeeld korting geven op mensen die met hun telefoon inchecken op de service. Slimme marketing, en gratis reclame aangezien veel mensen op Twitter een checkin bij de Coffee Company voorbij zien komen. Helaas zien bedrijven zoals de Coffee Company de mogelijkheden van een extra beetje promotie via locatie gebaseerde applicaties nog niet in.

Brightkite is het monster onder de geteste applicaties, met wereldwijd verreweg de meeste gebruikers. Een heel eigen stijl, en zelfs de mogelijkheid om foto’s te plaatsen. Helaas ontbreekt het aan het speleffect, en probeert het Twitter enigzins na te doen met de mogelijkheid om losse berichten te plaatsen. Het maakt veel goed dat er verschrikkelijk veel plekken aanwezig zijn in de database van Brightkite. Het delen van je lokatie met vrienden die ook op het netwerk zitten wordt met een paar klikken wel heel simpel.

En de winnaar is…

Wil je het echte idee achter de locatie applicaties ervaren? Pak dan het eerste vliegtuig richting New York City, en probeer de applicatie zoals hij echt bedoeld is. Toch iets te veel geweld voor een simpel spelletje? Ook in Nederland valt er nog genoeg te ontdekken met de applicaties. Als je simpelweg je locatie wilt delen kies je voor Brightkite. Ga je echt voor het spelletje, stel je jezelf het doel de meeste punten te verdienen, en scoor je misschien zelfs een functie als ‘mayor’ binnen? Kies dan Foursquare. Een gedeelde winnaar dus. Helaas mist Gowalla hier totaal de boot.

Zelf proberen? Download Brightkite, Foursquare en Gowalla allemaal gratis in de Apple App Store.